
Zodra je online gaat verkopen, komt er een vraag bij die je bij zaaldagen zelden hoefde te stellen: van wie is dit materiaal eigenlijk? In de zaal deel je een werkboek uit en dat is dat. Online staat je programma ergens waar mensen het kunnen downloaden, delen en doorsturen.
Dit artikel is geen juridisch advies. Het schetst waar de vragen zitten, zodat je weet wanneer je iemand moet bellen die er wel voor is opgeleid.
Je hoeft niets te registreren
Auteursrecht ontstaat vanzelf op het moment dat je iets maakt dat voldoende eigen en oorspronkelijk is. Je hoeft je werk nergens aan te melden en je hoeft er niet voor te betalen. Dat geldt voor je werkboek, je slides, je video's en de teksten op je site. Het Ondernemersplein legt dat uit op zijn pagina over auteursrecht.
Wat niet beschermd is, is het idee. De gedachte dat je feedback in drie stappen geeft, is van niemand. De precieze uitwerking, de formulering, de vormgeving en de volgorde die jij hebt gekozen, zijn dat wel.
Dat verklaart waarom trainers zich soms machteloos voelen als een collega met een verdacht bekende opzet aan de slag gaat. Zolang hij jouw teksten en beelden niet overneemt, staat hij vaak in zijn recht.
Bewijzen dat het van jou is
Omdat er geen register is, kan er discussie ontstaan over wie iets als eerste maakte. Daar kun je iets aan doen zonder er veel geld aan uit te geven.
- Bewaar je oude versies met datum. Concepten, tussenversies en verzonden mailtjes zijn bruikbaar bewijs.
- Zet een naamsvermelding en een jaartal in je materiaal. Dat is geen voorwaarde voor bescherming, maar het maakt duidelijk wie de maker is.
- Wil je het steviger vastleggen, dan kun je een i-DEPOT deponeren bij het Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom. Dat geeft je geen recht dat je nog niet had, wel een dagtekening.
Werk in opdracht is de valkuil
Hier gaat het bij trainers het vaakst mis. Je maakt in opdracht van een organisatie een programma op maat. Zij betalen, jij levert. Van wie is het dan?
Als hoofdregel blijft het auteursrecht bij de maker, ook als iemand anders ervoor betaalt. Overdracht van auteursrecht moet schriftelijk gebeuren. Dat is anders dan bij werknemers, waar het recht op wat zij in hun functie maken in beginsel bij de werkgever ligt.
De praktijk is alleen dat opdrachtgevers dit vaak in hun inkoopvoorwaarden regelen. In veel standaardvoorwaarden staat een bepaling die alle rechten op het geleverde werk overdraagt. Teken je die, dan mag je je eigen model daarna in theorie niet meer bij een andere klant gebruiken.
Wat je doet: lees het stukje over intellectuele eigendom voordat je tekent en stel voor om het om te draaien. Jij houdt het auteursrecht en de opdrachtgever krijgt een ruim gebruiksrecht voor zijn eigen organisatie. Dat is voor de meeste klanten prima, want zij willen het gebruiken, niet bezitten.
Wat je deelnemers mogen
Bij een online programma verkoop je toegang, geen eigendom. Zet dat in je voorwaarden en houd het begrijpelijk. Een deelnemer mag het materiaal gebruiken voor zichzelf en meestal binnen zijn eigen werk. Wat hij niet mag, is het doorgeven aan collega's die niet betaald hebben of het opnemen in zijn eigen training.
Zakelijke afnemers vragen hier vaak naar. Een organisatie die tien plekken koopt en er dertig mensen op zet, is een reëel scenario. Regel dat vooraf met een licentie per aantal deelnemers, in plaats van achteraf met een boze mail.
Volledig tegenhouden dat materiaal wordt gedeeld, lukt niet. Wat je wel kunt doen, is de drempel verhogen: een naam en datum in de pdf, video's die niet los te downloaden zijn en materiaal dat weinig waard is zonder de begeleiding eromheen.
Materiaal van anderen
De omgekeerde vraag is minstens zo belangrijk. In je zaalslides staan waarschijnlijk plaatjes die je ooit ergens vandaan hebt gehaald, een model uit een boek en een grafiek uit een rapport.
In een besloten zaal viel dat niet op. Zodra je het in een programma zet dat je verkoopt, wordt het zichtbaar en verkoop je andermans werk mee. Loop je materiaal daarom één keer door en vervang alles waarvan je de herkomst niet weet.
Modellen van anderen mag je uitleggen en bespreken. Een korte aanhaling met bronvermelding kan onder voorwaarden. Een compleet schema overnemen omdat het handig is, kan niet. Maak in dat geval je eigen versie of vraag toestemming.
Ook je deelnemers hebben rechten
Neem je live sessies op waar deelnemers in beeld zijn, dan spelen portretrecht en privacy mee. Vraag vooraf toestemming, leg vast waarvoor je de opname gebruikt en zorg dat iemand kan aangeven dat hij er niet op wil.
Bij een opname die je alleen aan dezelfde groep beschikbaar stelt, is dat meestal geen bezwaar. Bij een opname die je later verkoopt aan nieuwe deelnemers, ligt dat anders. Vertel dat vooraf en niet achteraf.
Hoe je dit alles in je voorwaarden zet, staat in annulering, bedenktijd en voorwaarden.
Verder lezen
- Annulering, bedenktijd en je voorwaarden Verkoop aan consumenten volgt andere regels dan een zakelijke opdracht. Wat je moet regelen voordat je de eerste knop op je site zet.
- Het rekensommetje achter je volle agenda Je jaaromzet is je dagtarief maal het aantal dagen dat je kunt draaien. Dat is de hele formule. Precies daar zit je plafond.
- Vier vormen online aanbod en voor wie ze werken Live online, opgenomen, hybride of abonnement. Wat elke vorm van je vraagt, wat hij oplevert en wanneer hij bij jouw training past.