
De meest gemaakte fout bij een eerste online training is de camera aanzetten en je zaaldag nadoen. Dat levert zes uur video op waar niemand doorheen komt. Een trainingsdag werkt niet omdat je zes uur praat, maar omdat er een groep in een ruimte zit, omdat er koffie is, omdat mensen elkaar aankijken en omdat jij ziet wanneer het niet landt. Haal die ruimte weg en er blijft iets anders over.
Zet je dag eerst op papier
Voordat je iets opneemt, schrijf je je dag uit zoals hij werkelijk verloopt. Niet zoals in je programmaboekje, maar zoals het gaat. Van kwart voor tien tot half elf, wat gebeurt er dan? En daarna?
Wat je krijgt is een lijst van blokken van tien tot veertig minuten. Een uitleg, een oefening, een discussie, een pauze waarin de beste gesprekken plaatsvinden, een rollenspel, een terugkoppeling. Bij de meeste trainers komen er tussen de twaalf en twintig blokken uit een dag.
Het ontleedschema uit de werkmap is precies daarvoor gemaakt: een vel met kolommen waarin je per blok invult wat het is, hoe lang het duurt en waarom het erin zit.
Geef elk blok een label
Loop de blokken langs en geef elk blok één van vier labels.
- Overdracht. Jij vertelt iets en de deelnemer neemt het op. Theorie, een model, een stappenplan, een voorbeeld uit de praktijk.
- Oefening. De deelnemer doet iets. Alleen, in tweetallen of in een groepje.
- Terugkoppeling. Iemand kijkt naar wat de deelnemer heeft gedaan en zegt er iets van. Meestal jij, soms een medecursist.
- Groep. De waarde zit in het feit dat er anderen zijn. Uitwisseling, herkenning, elkaar zien worstelen met hetzelfde.
Deze vier gedragen zich totaal verschillend zodra je ze online zet.
Wat zich makkelijk laat verplaatsen
Overdracht gaat prima online en vaak beter dan in de zaal. Een uitleg van twaalf minuten die je opneemt, kan de deelnemer twee keer bekijken, in eigen tempo, op het moment dat het uitkomt. In de zaal krijgt hij die uitleg één keer en meestal op het verkeerde moment in zijn energiecurve.
Bijkomend voordeel: opgenomen uitleg wordt beter dan je live uitleg. Je haalt de zijsprongen eruit, je zegt het in de juiste volgorde en je laat het staan zodra het klopt.
Oefeningen die iemand alleen doet, laten zich ook verplaatsen. Een analyse van je eigen situatie, een invulvel, een opdracht die je in je werkweek uitvoert. Sterker nog, die werken online beter, omdat de deelnemer ze doet in zijn echte omgeving in plaats van in een leslokaal.
Wat zich niet laat verplaatsen
Terugkoppeling verdwijnt niet, maar hij verandert van vorm. In de zaal geef je hem tussendoor, gratis en ongemerkt. Online moet je hem inplannen. Dan kost hij ineens zichtbaar tijd. Dat is de reden dat opgenomen programma's zonder begeleiding vaak niet worden afgemaakt: de deelnemer doet de opdracht, hoort niets terug en haakt af.
De groep is nog lastiger. Herkenning tussen deelnemers ontstaat in de pauze, niet tijdens de oefening. Online moet je daar ruimte voor maken die er niet vanzelf is: een live sessie waarin je expliciet vraagt waar mensen op vastlopen, of een plek waar ze aan elkaar iets kunnen laten zien.
Dat is precies waarom de meeste trainers uitkomen op een hybride opzet, zoals beschreven in vier vormen online aanbod. De overdracht en de individuele oefeningen gaan naar de opnames. De terugkoppeling en de groep krijgen een paar vaste momenten.
Herschik, niet knippen
Als de labels staan, zet je de blokken in een nieuwe volgorde. Een trainingsdag is opgebouwd rond een dagritme met een energiedip na de lunch. Een online programma is opgebouwd rond weken.
Een werkbare indeling is: per week één stuk uitleg van tien tot vijftien minuten, één opdracht die de deelnemer in zijn eigen werk uitvoert en één moment waarop hij ziet dat hij op de goede weg zit. Vier tot zes van die weken vormen een programma. Meer dan acht weken houden alleen deelnemers vol die al gemotiveerd waren.
Merk je dat je van je dag maar drie zinnige weken kunt maken, dan is dat geen probleem. Drie weken die af zijn, zijn beter dan zes weken vulling.
Wat je opnieuw moet maken
Er zijn twee dingen die je bijna nooit één op één kunt overzetten. Je slides zijn gemaakt om achter je te hangen terwijl jij praat, dus ze staan vol met halve zinnen die alleen betekenis krijgen met jouw stem erbij. En je werkboek is gemaakt om op tafel te liggen tijdens een dag met begeleiding.
Beide moeten opnieuw. Dat valt mee als je weet wat je doet. Zie slides en werkboek hergebruiken voor de aanpak. Daarna weet je wat je moet opnemen en kun je aan de opnamedag beginnen.
Deze site behandelt dat per onderwerp. Wie de hele weg van idee tot lancering liever in één doorlopend verhaal leest, vindt dat in een boek als Online trainingen maken van Leon Tindemans.
Verder lezen
- Vier vormen online aanbod en voor wie ze werken Live online, opgenomen, hybride of abonnement. Wat elke vorm van je vraagt, wat hij oplevert en wanneer hij bij jouw training past.
- Het rekensommetje achter je volle agenda Je jaaromzet is je dagtarief maal het aantal dagen dat je kunt draaien. Dat is de hele formule. Precies daar zit je plafond.
- Wat vraag je voor een online training Je dagtarief delen door het aantal deelnemers werkt niet. Vier manieren om tot een prijs te komen die je kunt uitleggen en volhouden.